• Stap 3. Ga in gesprek met de klant

  • Acties

    1. Bereid het gesprek voor: 
      • Stel het doel vast.
      • Bedenk welke feiten je gaat benoemen.
      • Neem ter voorbereiding het veiligheidsplan door en bedenk per kopje wat er minimaal moet gebeuren.
      • Stel vast wie er betrokken dienen te worden (let op gezaghebbende ouder, mentor of curator).
    2. Ga in gesprek met de klant: 
      • Deel feitelijke signalen, krachten en zorgen.
      • Verhelder de situatie.
      • Bespreek en vul het ondersteuningsplan en veiligheidsplan in zoals beschreven in het werkproces in fase 3. Startoverleg uitvoeren. Het ondersteuningsplan en Veiligheidsplan samen kunnen worden gebruikt als hulpverlenings-, herstel- en veiligheidsplan in één. Deze structuur kan ook worden gebruikt indien er alleen met de klant wordt gesproken, bijvoorbeeld omdat er één hulpverlener betrokken is en er (nog) geen informeel netwerk is betrokken.
      • Inventariseer de krachten en zorgen specifiek gericht op (on) veiligheid en noteer deze in het Veiligheidsplan.
      • Voer de veiligheidsschaal uit en noteer de uitkomsten in het Veiligheidsplan.
      • Maak veiligheidsafspraken en noteer deze in het Veiligheidsplan.
      • Stel een evaluatiemoment vast.
      • Geef aan als er een terugkoppeling volgt naar de gedragswetenschapper, aandachtsfunctionaris of andere deskundige collega.
    3. Documenteer.
    4. Ga door naar stap 4.